Leren › Groepen › Groep 3

Uitleg per groep

Rekenen in groep 3: wat leert je kind? (6 tot 7 jaar)

In mijn honingcel passen 10 druppels honing. Er zitten er al 6 in, dus er kunnen er nog 4 bij. 6 en 4 zijn verliefde harten! In groep 3 leer je alle splitsingen tot en met 10 uit je hoofd.

Groep 3 is de groep van kinderen van 6 tot 7 jaar: de meeste zijn 6 als het schooljaar begint en worden in de loop van het jaar 7. Het is een jaar vol nieuwe dingen. Na de kleutergroepen, waarin kinderen vooral spelend leerden, beginnen ze nu echt met lezen en schrijven, en ook rekenen krijgt een vaste plek op het rooster. Kinderen werken vaker aan hun tafeltje, in een rekenschrift, een werkboek of op een tablet. Toch blijft er veel om vast te pakken en te bekijken: het rekenrek, blokjes, splitshuisjes en de getallenlijn.

Waar werken kinderen in groep 3 aan?

In groep 1 en 2 hebben kinderen geteld, vergeleken en spelenderwijs dingen erbij gedaan en weggehaald. In groep 3 komen daar de tekens bij: +, − en =. Het belangrijkste doel van het jaar is dat kinderen alle splitsingen tot en met 10 uit het hoofd kennen: 10 is 7 en 3, 8 is 5 en 3, en zo verder. Daarmee kennen ze ook de plus- en minsommen tot en met 10, zoals 7 + 3 = 10 en 10 − 3 = 7. Op school heet dat automatiseren: zo vaak oefenen dat het antwoord er meteen is, zonder te tellen.

Daarna gaan kinderen verder met de sommen tot 20, ook met sommen die over de 10 heen gaan, zoals 8 + 5 en 13 − 6. Ze leren daarvoor handige manieren, zodat ze niet meer één voor één hoeven te tellen. Verder tellen ze tot 100, lezen ze de hele uren af op de klok, rekenen ze met munten en briefjes tot 20 euro en lezen ze hun eerste staafdiagram.

Wat staat er in groep 3 op het programma?

De overheid legt in de kerndoelen vast wat elke basisschool moet aanbieden, maar niet wat er in welke groep gebeurt. Daarvoor heeft SLO, het nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling, tussendoelen per groep uitgewerkt, en de meeste rekenmethodes volgen die ongeveer. Hieronder lees je wat kinderen aan het eind van groep 3 meestal kunnen. Het precieze moment verschilt per school en per rekenmethode. Elke kop verwijst naar een uitgebreide gids over dat onderwerp.

Tellen en getalbegrip

Let op hoe we getallen uitspreken. In ‘drieënveertig’ hoor je de 3 eerst, terwijl je eerst de 4 opschrijft. Daardoor schrijven veel kinderen in groep 3 weleens 34 als ze 43 bedoelen, of 31 als ze dertien bedoelen. Dat is heel normaal en gaat over als ze goed snappen hoe een getal in elkaar zit. Vraag dan: hoeveel tientallen zijn het, en hoeveel losse?

Optellen en aftrekken

Voor de sommen tot 20 leren kinderen een paar vaste strategieën. De juf of meester gebruikt daar namen voor die je in het rekenschrift terugziet:

StrategieZo werkt het
Verwisselen3 + 6 is hetzelfde als 6 + 3. Begin bij het grootste getal en tel er 3 bij: 7, 8, 9.
Dubbel en bijna dubbelDubbelsommen zoals 6 + 6 = 12 en 7 + 7 = 14 onthouden kinderen vaak snel. Dan is 7 + 8 bijna dubbel: 7 + 7 + 1 = 15.
Via de 5Bij 6 + 7: in 6 zit een vijf en 1, in 7 een vijf en 2. Twee vijven zijn samen 10, en 1 + 2 = 3, dus 6 + 7 = 13. Op het rekenrek zie je dat meteen.
Via de 10 (over het tiental)Eerst naar de 10, dan de rest: 6 + 8 = 6 + 4 + 4 = 14. Aftrekken gaat net zo: 12 − 5 = 12 − 2 − 3 = 7.
Een som gebruiken die je al kent7 − 5 = 2, dus 17 − 5 = 12. En omdat 4 + 3 = 7, is 14 + 3 = 17.
+4+4 05101520 614
6 + 8 via de 10: de 8 wordt gesplitst in 4 en 4. Met de eerste 4 spring je van 6 naar 10, met de tweede 4 van 10 naar 14.

Op veel scholen komen de sommen over het tiental, zoals 8 + 5 en 13 − 6, pas in de tweede helft van het jaar. Kent je kind de verliefde harten, de getallen die samen 10 maken (1 en 9, 2 en 8, 3 en 7, 4 en 6, 5 en 5), dan gaan die sommen veel soepeler: bij 13 − 6 haal je er eerst 3 af om bij 10 te komen, en dan nog 3, dus het antwoord is 7. In onze gids splitsen en sommen tot 20 lees je er alles over.

Tafels, keer- en deelsommen

Zo groeit het idee van ‘steeds evenveel’. Daarop bouwen in groep 4 de eerste tafels voort: de tafels van 1, 2, 3, 4, 5 en 10. Breuken komen in groep 3 nog niet aan bod.

Meten en wegen

Klokkijken

123456789101112 7:00 klok met wijzersdigitale klok
Zeven uur. Bij een heel uur staat de grote wijzer altijd op de 12, en de kleine wijzer wijst het uur aan. Is het zeven uur ’s avonds, dan staat er in een schoolbrief of een dienstregeling 19.00 uur.

Halve uren en kwartieren komen in groep 4, en daarmee ook het lastige ‘half vier’, dat 3.30 uur betekent en niet 4.30 uur. In groep 3 is het genoeg als je kind de hele uren vlot herkent.

Rekenen met geld

Centen en de andere munten en briefjes volgen in groep 4. Omdat de meeste mensen pinnen, zien kinderen thuis weinig contant geld. Laat je kind dus af en toe zelf met munten betalen, of speel samen winkeltje.

Meetkunde en vormen

Tabellen en grafieken

Verhoudingen en patronen

Hoofdrekenen

In groep 3 is bijna al het rekenen hoofdrekenen. Veel leerkrachten beginnen de rekenles met een korte warming-up, bijvoorbeeld met flitsen: de juf of meester laat een som of een rekenrek een paar tellen zien, en de kinderen zeggen zo snel mogelijk het antwoord. Zo raken de splitsingen tot en met 10 geautomatiseerd. Thuis werkt het net zo: liever elke dag vijf minuten dan één keer per week een half uur. Meer ideeën vind je in strategieën voor hoofdrekenen die echt werken.

Aan het eind van groep 3 kunnen de meeste kinderen…

Belangrijke woorden in groep 3

WoordWat het betekent
Splitsen, de splitsingEen getal in twee delen verdelen: 8 kun je splitsen in 5 en 3, maar ook in 6 en 2.
SplitshuisjeEen getekend huisje met een getal in het dak en op elke verdieping een splitsing van dat getal.
Verliefde hartenTwee getallen die samen 10 maken, zoals 3 en 7. Niet elke school gebruikt dit woord.
Erbij, plusOptellen. Het teken is +.
Eraf, minAftrekken. Het teken is −.
IsHet is-teken =. ‘4 plus 3 is 7’ schrijf je als 4 + 3 = 7.
TientalEen groepje van tien. 14 is een tiental en nog 4.
Dubbel, bijna dubbel6 + 6 is een dubbelsom. 6 + 7 is bijna dubbel: 6 + 6 + 1 = 13.
Via de 10, over het tientalEen som in twee stappen uitrekenen, met de 10 als tussenstop: 7 + 5 = 7 + 3 + 2 = 12.
GetallenlijnEen lijn met de getallen op volgorde, waarop je sprongen kunt maken.
RekenrekEen rek met twee rijen van tien kralen, in elke rij vijf rode en vijf witte.
Grote wijzer, kleine wijzerDe twee wijzers van de klok. De kleine wijzer wijst het uur aan.
Beelddiagram, staafdiagramEen tekening waarin plaatjes laten zien hoeveel het er zijn, en een grafiek met staven of ingekleurde hokjes.

Toetsen in groep 3

In groep 3 maken kinderen hun eerste rekentoetsen. Na elk blok van de rekenmethode is er een methodetoets. Daarmee kijkt de juf of meester of de stof van dat blok is blijven hangen, en wie nog extra uitleg nodig heeft.

Daarnaast volgt elke school vanaf groep 3 met een leerlingvolgsysteem (LVS) hoe kinderen zich ontwikkelen in taal en rekenen. De school kiest zelf welke erkende toetsen ze daarvoor gebruikt. Op veel scholen is er een middentoets rond januari of februari en een eindtoets rond juni. Veel ouders noemen ze ‘de Cito-toetsen’, ook als de school toetsen van een andere aanbieder gebruikt. Het zijn geen examens: je kind kan er niet voor zakken, en de uitslag laat vooral zien hoe het groeit. Thuis oefenen voor deze toetsen is niet nodig. Veel scholen bespreken de uitslag bij het rapport of in een oudergesprek. In de rekentoetsen op de basisschool uitgelegd lees je wat de uitslagen betekenen.

Zo help je thuis

Meer ideeën voor elke dag vind je in rekenen in het dagelijks leven en zo help je je kind thuis met rekenen.

De tip van Indie

Vraag na een som niet alleen naar het antwoord, maar ook: ‘Hoe wist je dat?’ Zegt je kind bij 7 + 8: ‘7 en 7 is 14, en dan nog 1, dus 15’, dan gebruikt het een strategie en telt het niet meer één voor één. Vertellen hoe je een som aanpakt hoort bij de doelen van groep 3, en jij hoort meteen waar het nog hapert. Telt je kind nog op de vingers? Dat mag, zeker in het begin. Laat dan eens zien hoe een hele hand van 5 helpt, zodat het niet bij elke som weer bij 1 begint.

De uitdaging van IndieIndie verzamelt ’s ochtends 8 druppels honing en ’s middags nog 5. Daarna geeft ze er 6 aan de koningin. Hoeveel druppels honing heeft Indie nog over? Bekijk het antwoord

Indie heeft nog 7 druppels over. Eerst 8 + 5: met 2 erbij kom je bij 10 (8 en 2 zijn verliefde harten), en met de andere 3 erbij kom je op 13. Dan 13 − 6: met 3 eraf kom je bij 10, en met nog 3 eraf kom je op 7. Controleer het met een plussom: 7 + 6 = 13.

Gratis werkbladen voor groep 3

Print ze om thuis of in de klas te oefenen. Op de tweede pagina van elk werkblad staan de antwoorden.

Voorbeeld van het werkblad ‘Getallenrijen tot 100’Getallenrijen tot 100Groep 3, Groep 4 · Tellen met sprongen van 1, 2, 5 en 10Download pdf
Voorbeeld van het werkblad ‘Splitsen van 10’Splitsen van 10Groep 1 en 2, Groep 3 · Welke twee getallen maken samen 10?Download pdf
Voorbeeld van het werkblad ‘Samen 20’Samen 20Groep 3, Groep 4 · Welke twee getallen maken samen 20?Download pdf
Voorbeeld van het werkblad ‘Plus en min tot 20’Plus en min tot 20Groep 3, Groep 4 · Plus- en minsommen door elkaarDownload pdf
Voorbeeld van het werkblad ‘Hele en halve uren’Hele en halve urenGroep 3, Groep 4 · KlokkijkenDownload pdf
Voorbeeld van het werkblad ‘Een staafdiagram aflezen’Een staafdiagram aflezenGroep 3, Groep 4 · Het lievelingsfruit van de klasDownload pdf

Snelle antwoorden

Moet mijn kind in groep 3 al de tafels kennen?

Nee. In groep 3 tellen kinderen in groepjes en verdelen ze eerlijk, maar de tafels komen pas in groep 4: eerst de tafels van 1, 2, 3, 4, 5 en 10, en in groep 5 alle tafels tot en met 10. Een landelijke tafeltoets bestaat niet. Wil je later thuis oefenen, kijk dan bij tafels oefenen.

Wat zijn splitsingen en verliefde harten?

Een splitsing is een getal verdeeld in twee delen: 9 is 5 en 4, of 7 en 2. Verliefde harten is de naam die veel scholen geven aan de splitsingen van 10: 1 en 9, 2 en 8, 3 en 7, 4 en 6, 5 en 5. In groep 3 leren kinderen alle splitsingen tot en met 10 uit het hoofd, omdat bijna alle sommen tot 20 en verder erop steunen.

Hoe oud is mijn kind in groep 3?

De meeste kinderen zijn 6 als het schooljaar begint en worden 7 in de loop van het jaar. Wanneer een kind van groep 2 naar groep 3 gaat, hangt af van hoe ver het is, niet van een vaste verjaardag. Vooral kinderen die in oktober, november of december jarig zijn, kunnen daardoor wat jonger of ouder zijn dan hun klasgenoten.

Wat moet mijn kind in groep 3 kunnen met klokkijken?

De hele uren aflezen op een klok met wijzers en op een digitale klok, de dagen van de week op volgorde kennen en weten bij welk deel van de dag een tijd hoort: om 7 uur sta je op. Halve uren en kwartieren komen in groep 4.

Oefenen met Indie

Beequation Kids maakt van rekensommen honingraatpuzzels. Zit je kind even vast, dan geeft Indie de bij een tip. Zonder advertenties en zonder gegevensverzameling.

Verder leren